De ziekte van Alzheimer herkennen en behandelen

De ziekte van Alzheimer of kortweg Alzheimer is een reeks van aandoeningen aan delen van de hersenen die instaan voor het geheugen en de taal. Het belangrijkste kenmerk van de ziekte is de snelle achteruitgang op het vlak van geheugen en de mogelijkheid tot redeneren.

Beschrijving van de ziekte van Alzheimer

Alzheimer is de meest voorkomende vorm van dementie bij ouderen. Dementie is de algemene benaming voor het syndroom dat berust op een voortschrijdende achteruitgang van het functioneren van de hersenen. België telt naar schatting 85.000 Alzheimerpatiënten en er komen elk jaar 20.000 patiënten bij. Een klein deel (ca 3000) daarvan is jonger dan 65 jaar. Naarmate je ouder wordt, stijgt de kans op Alzheimer flink.

De ziekte van Alzheimer is in 1906 voor het eerst beschreven door de Duitse neuroloog Alois Alzheimer. Het syndroom wordt gekenmerkt door verlies van zenuwcellen, kluwens in de hersencellen en abnormale verharde eiwitophopingen in de hersencellen en een tekort aan verschillende chemische stoffen die noodzakelijk zijn voor de overbrenging van boodschappen naar en van de zenuwen.

De afwijking zorgt voor gedrags- en persoonlijkheidsstoornissen, vergeetachtigheid, verwarring, het verdwijnen van het korte geheugen en paranoia. Alzheimerpatiënten krijgen ook taalproblemen, kunnen nog moeilijk communiceren met anderen en worden uiteindelijk bedlegerig.

Hoewel bijna de helft van de bejaarden ouder dan 85 Alzheimer kan hebben, is deze ziekte geen normale ouderdomskwaal.

De oorzaken van de ziekte van Alzheimer

De oorzaak van de ziekte van Alzheimer is nog niet gekend. Er bestaan wel een aantal denkpistes.

1. Chemische tekorten theorie

A. De theorie van de chemische tekorten: hersencellen staan met elkaar in verbinding via neurotransmitters. Bij alzheimerpatiënten is er een vermindering aangetroffen van neurotransmitters die zouden instaan voor het geestelijke functioneren en het gedrag.

B. De theorie van chemische overdaad: abnormaal hoge hoeveelheden aluminium komen geregeld voor in aangetaste hersenen van Alzheimerpatiënten.

2. Genetische theorie

Onderzoekers denken dat een late Alzheimeraanval verbonden is met een gen dat de productie van apolipoproteïne regelt. Ze vonden ook een mutatie van chromosoom 12. Bij vroege Alzheimer vonden onderzoekers dan weer een mutatie van chromosoom 1, 12,14 en 21.

3. Auto-immuuntheorie

Het immuunsysteem van het lichaam beschermt je tegen mogelijke schadelijke indringers. Per vergissing kan het je eigen cellen beginnen aanvallen en produceert het antilichamen voor je eigen cellen.

4. Trage-virustheorie

Een traag virus wordt soms aanzien als een oorzaak van bepaalde hersenaandoeningen die sterk gelijken op Alzheimer.

5. Bloedvatentheorie

Ook een stoornis in de slagaders (bloedvaten die het bloed naar de hersenen transporteren) zou een mogelijke oorzaak kunnen zijn van Alzheimer. De kans op Alzheimer neemt toe met de leeftijd: de meeste patiënten ontwikkelen de ziekte na hun 65ste, daarna verdubbelt de kans om de ziekte te krijgen elke vijf jaar.

Er zijn  slechts twee risicofactoren voor Alzheimer op jongere leeftijd (voor je 65ste): het (veelvuldig)voorkomen van dementie, Alzheimer of het syndroom van Down in je familie. Het syndroom van Down is een aandoening die gekenmerkt wordt door fysieke en psychische achterstand. De oorzaak is een genetische fout op het 21ste chromosomenpaar.

Symptomen

De symptomen van Alzheimer worden langzaamaan zichtbaar. Vaak is de ziekte al even in het lichaam vooraleer symptomen herkend worden. Enkele symptomen zijn:

oriëntatiestoornissen: zowel in tijd, plaats als bij personen. Patiënten weten niet meer welke dag het is, welk seizoen, welk uur. Ze kunnen zich niet meer oriënteren op bekende plaatsen of lopen gewoon verloren. Personen worden ook niet meer herkend, van minder bekende tot familieleden.
spraakstoornissen: van onverstaanbaar gebrabbel tot duidelijk verstaanbare nonsens.
emotionele stoornissen: op sommige momenten beginnen alzheimerpatiënten te huilen, dan weer te lachen, zonder duidelijke uitwendige aanwijzing.
In een latere fase lichamelijke problemen en zelfverwaarlozing: vuile kleren, incontinentie, slechte hygiëne…

Diagnose

de specialist moet als volgt een diagnose stellen:

- de medische voorgeschiedenis van de patiënt in kaart brengen
- een lichamelijk en neurologisch onderzoek
- laboratoriumonderzoek, zoals een urinetest, een cat-scan, een MRI scan, een of pet-scan
- het medicijnengebruik nagaan

Dementie

A. cognitieve problemen van dubbele aard:

verslechterd korte - of lange termijngeheugen
een of meer van onderstaande cognitieve problemen
verzwakte taalvaardigheid
verzwakte motoriek
achteruitgang van abstract denken, plannen…
problemen met het herkennen van voorwerpen

B. de bovenstaande symptomen zijn ernstig genoeg om werk of sociaal leven te verstoren
C. de symptomen in A komen niet alleen tijdens een ‘aanval’ voor.
D. De ziekte gaat gepaard met een geleidelijke cognitieve achteruitgang.
E. de cognitieve problemen zijn niet te wijten aan één van de volgende oorzaken:
een andere zenuwaandoening, zoals de ziekte van Parkinson of Huntington
een systeemziekte zoals een schildklieraandoening
F. de symptomen horen niet beter thuis onder een andere aandoening zoals een zware depressie of schizofrenie

De behandeling van Alzheimer

Genezing van Alzheimer is voorlopig niet mogelijk. Toch kan er heel wat gedaan worden om de ziekte onder controle te houden:

de gedragsproblemen vertragen door medicatie met cholinesteraseremmers zoals Tacrine. Helaas zal het effect van deze medicatie afnemen met het voortschrijden van de ziekte . Ook antidepressiva kunnen nuttig zijn om angst en andere symptomen te beteugelen.
het geheugen, de taalvaardigheid en desoriëntatie kunnen ook door medicatie verbeterd worden. Hierdoor wordt het voortschrijden van de ziekte serieus vertraagd  en kan de patiënt langer zelfstandig een kwaliteitsvol leven leiden.
behandelingen om het ontstaan van de ziekte uit te stellen zitten nog in een experimentele fase: er zijn interessante proeven met vitamine E en extracten van de gingko biloba-boom.

Ten slotte zijn volgende tips zeer waardevol:

zorgen voor gezonde voeding
dagelijkse lichaambeweging
intellectuele en sociale uitdagingen blijven aangaan
gebruik maken van geheugensteuntjes

Mantelzorg en zelfhulpgroepen

De zorg voor demente familieleden kan uitputtend zijn. Die zorg gaat vaak ten koste van vrije tijd en is fysiek, emotioneel en zelfs financieel zwaar om te dragen. Bovendien valt er van een dementerende persoon vaak weinig dankbaarheid of begrip te verwachten. Ook oude familiale problemen kunnen nu in verhevigde vorm weer opduiken. Het is dan ook niet te verwonderen dat veel zorgverstrekkers af te rekenen krijgen met een depressie.

Het is dan ook vaak nuttig en troostend om contact te zoeken met lotgenoten in zogeheten zelfhulpgroepen.
Belangrijker nog voor deze mensen is dat ze –indien nodig een beroep kunnen doen op assistentie in de vorm van thuisverpleging, dagcentra enz.

Maar hoe hard de zorgverstrekkers ook hun best doen om de patiënt in de vertrouwde omgeving te verzorgen, vroeg of laat komt de dag dat men de patiënt voltijds moet toevertrouwen aan een verzorgingstehuis. Om een haastige opname te voorkomen is het van het grootste belang om tijdig, dwz. vanaf het moment dat de patiënt niet meer alleen kan functioneren, uit te kijken naar optimale plaatsingsmogelijkheden.

 Welke vragen moet je aan de dokter stellen in verband met Alzheimer?

Welke tests zijn noodzakelijk om de diagnose te kunnen stellen?
betreft het wel degelijk Alzheimer of is het een ziekte met gelijkaardige symptomen?
Is genezing mogelijk? Of kunnen de symptomen vertraagd worden?
Kunnen  de mentale en motorische vaardigheden verbeterd worden?
Is een dieet mogelijk als therapie?
Welke mogelijkheden zijn er om de familie van de patiënt te ondersteunen?

Dit bericht is gepost op 23 juni 2008 om 12:14 pm uur en is geplaatst in overige aandoeningen, ouder worden.

Andere interessante artikels: Wat is allergische rinitis?
Wat is anemie of bloedarmoede?